
Naima sluipt de kinderkamer in. De box staat rechts bij het raam. Anton is aan de andere kant bezig het IKEA-kinderkamermeubel in elkaar te zetten. Het roze behangpapier met de olifanten schreeuwt haar tegemoet, terwijl ze er eerder zo blij mee was. In de box ligt Aria te slapen. Ze dekt haar extra goed toe. De huidskleur van het hoofdje is nauwelijks lichter dan die van haar hand. De jongens van haar nicht zijn steeds lichter – de jongste is praktisch blank. Zou dat bij haar ook gebeuren?
Ze draait zich om naar Anton. Alsof hij haar ogen voelt stopt hij met schroeven en draait zich om. ‘Hé! Ik heb je niet horen binnenkomen.’
‘Hoe gaat het?’
‘Goed. De eerste is al klaar.’
Ze kijkt, maar ziet het niet. ‘Als jij ongelukkig met mij zou zijn, zou je dat zeggen toch?’
Hij kijkt haar aan. ‘Wat zeg je nu?’
Als ze daarna niet goed uit haar woorden kan komen, staat hij op en omhelst haar. Kust haar. ‘Ik houd van je. Dat weet je toch?’
‘Sorry. Postnatale hormonen, denk ik.’
Ze leunt tegen een tafel. Hij wrijft haar schouder.
Als hij verder gaat met schroeven, zegt ze: ‘Ik sprak gisteren met Natasja. Van de monitoring. Mijn collega.’
‘Oh ja. Natasja.’
‘Ze had het erover dat het rechtsextremisme flink aan het toenemen is. Veel anti-buitenlander retoriek.’
Anton leunt, zittend op de grond, tegen de muur en kijkt haar aan. ‘Maak je je zorgen?’
‘Een beetje. Meer dan ik aanvankelijk dacht.’
Ze kijkt uit het raam. Dan kijkt ze haar echtgenoot aan. ‘Heb je wel eens van Nederland Eerst gehoord?’
Hij staart haar aan. Dan zegt hij: ‘Komt me wel bekend voor. Een forum?’
Ze kijkt of ze iets aan hem ziet, maar hij reageert normaal.
‘Klopt. Een van de nieuwe. Het zijn er een aantal. Maar deze is vrij heftig. Natasja vertelde dat ze deze goed in de gaten gaan houden.’
Anton wendt zich af en gaat verder met het meubel.
Naima voelt een lichte hoofdpijn opkomen. Het roze behangpapier is intens, doet opeens pijn aan haar ogen. Ze stoot per ongeluk een tube lijm van het tafeltje af. Die tikt tegen iets van metaal aan, luid genoeg om Aria te wekken. Die begint meteen te huilen.
Anton kijkt om.
Naima pakt haar dochter op en begint haar te wiegen. Het duurt even voor Aria weer kalmeert. Anton gaat rustig verder met zijn werk. Ze heeft niets aan hem gemerkt.
‘Zou je haar kunnen overnemen?’
Anton kijkt geagiteerd. ‘Ik ben bezig.’
‘Zou je misschien,’ zegt ze iets te luid, ‘je dochter even kunnen nemen?’
Een beetje geschrokken van de toon staat Anton op.
Terwijl hij het kindje in zijn armen neemt, zegt ze: ‘Sorry. Dat heb je niet verdiend.’
Hij zegt dat het oké is.
In de keuken belt ze Natasja. ‘Weet je nog waar we het over hadden?’
‘Natuurlijk weet ik dat nog. Wat is er? Ontwikkelingen?’
‘Hij is het niet.’
‘Je hebt het hem gevraagd?’
‘Nee, natuurlijk niet,’ zegt Naima. Weer iets te fel. ‘Maar ik wéét het. Ik ben met Anton getrouwd. Het is een andere Anton de Wit die je zoekt. Misschien is het een schuilnaam, misschien heeft hij de naam van mijn Anton overgenomen. Ik weet het niet. Maar het is iemand anders.’
‘Oké,’ zegt Natasja. ‘Gelukkig.’
‘Dat vind ik ook.’
Log in om te reageren
Ja, fraaie dialoog Stefan. Ik ben getrouwd met een linkse vrouw. We kregen linkse kinderen. Een ouderwets rood nest. Er stond/staat veel politiek op de dagelijkse agenda en we gaan ook geen politieke discussies uit de weg. Dan kun je nog onderscheid hebben tussen gewoon links en héél links. Maar da...
Dat Naima twijfelt spreekt boekdelen, maar literatuur zou een stuk minder waard zijn als we onze karakters niet in moeilijke situaties zouden plaatsen. Ik denk dat Natasja een goede vriendin probeert te zijn en zich verplicht voelde om Naima hierover te informeren. Jouw conclusie lijkt mij correct, ...
Dag Stefan, Sterke bijdrage. '‘Dat kan niet. Hij gaat het dan ontkennen.' Dit is naar mijn idee overbodig. Uit hetgeen wat vooraf gaat blijkt al dat ze hem niet direct de vraag durft te stellen. Ik twijfel over 'Alsof hij bevriest. ' Misschien is 'Hij staart haar aan.' wel voldoende voor het ef...
Bedankt voor je reactie & bedankt voor de lof. Ik ben het op beide punten met je eens, die tekst heb ik geschrapt (want voegt inderdaad niks toe).
Met plezier gelezen, Stefan. Angus' opmerking over het bevriezen raakt direct aan de discussie die ik had naar aanleiding van Raneguels 'Stoel 3, rij 11'. 'Het is alsof hij bevriest' benoemt, maar laat niets zien. Je kunt kiezen voor gedrag: De schroef schiet weg onder zijn schroevendraaier. Hij ...
Bedankt voor je reactie Jan. Je opmerking over 'Het is alsof hij bevriest' vind ik bijzonder: Hij bevriest niet echt, dit is interpretatie van Naima. Ik denk dat hij gewoon in zijn geheugen aan het graven is. Er is daarom ook geen gedrag om te tonen. Maar net zoals 'Hij staart haar aan' heeft deze ...